Wat is beeldende therapie?
Beeldende Therapie is een therapievorm, waar het niet gaat om praten. Voor de meeste kinderen is het moeilijk om onder woorden te brengen wat hen in de weg zit. Zij uiten zich eerder door het hebben van lichamelijke of psychische klachten, die kunnen leiden tot moeilijk gedrag.
In tekenen, schilderen en boetseren kunnen ze wel ‘praten’. Dit sluit aan bij de fantasie en de ervaringsgerichte leerwijzen van kinderen. Voor kinderen is deze vorm van therapie vaak een uitkomst! Door de beeldende therapie voelt en ziet het kind, wat het wel kan. Het kind hoeft niet te presteren, het doet een uur lang wat het leuk vindt en wat het kan.
Wat is het werkzame en bijzondere van de beeldende therapie?
De taak van de therapeut is, deze beelden te ‘lezen’ en hier gericht, beschermend en opbouwend mee verder te werken om samen met het kind tot een herstellend proces te komen.
Juist kinderen die onzeker, angstig, boos of ongeremd zijn, kennen hun eigen grenzen niet en hebben hier veel last van. De therapeut moet deze grenzen herkennen, erkennen en het proces binnen de persoonlijke grenzen van het kind leiden. Zij zal in het creatieve werk van het kind steeds weer herkennen, hoe zij door simpele, gerichte oefeningen en verhalen samenwerkt met het kind aan herstel. De therapeut neemt het kind als het ware mee, waardoor het zelf tot nieuwe inzichten kan komen en initiatief gaat nemen. Hij of zij leert zijn onmacht en tekorten kennen, maar vooral ook zijn of haar kwaliteiten, waardoor weerstanden overwonnen kunnen worden.
Er komen veranderings-, ontwikkelings- en/of acceptatieprocessen op gang. Het kind zal op deze manier vertrouwen in zichzelf en zijn omgeving krijgen en tegelijk zijn eigen mogelijheden ontdekken. Het creatief werken ontspant en bevrijdt, waardoor verwerking op gang komt.
Ieder mens is uniek, ieder therapie-proces wordt dus ook helemaal afgestemd op dit unieke kind. Bij een beeldende therapie staat niet het gebrek of het tekort voorop, maar wat het kind wèl kan en zijn mogelijkheden.
Meer dan praten alleen
Als non-verbale therapie vraagt beeldend (kunstzinnige) therapie mensen als het ware om te ‘praten met hun handen’. Ze benadert mensen op een andere manier dan alleen via het gesprek. Beeldende oefeningen geven nieuwe ervaringen en inzichten en daarmee een extra ingang voor het werken aan problemen.Er wordt gewerkt met tekenen, schilderen en boetseren.
Presteren speelt geen enkele rol. Het is van geen enkel belang of iemand vertrouwd is met tekenen, schilderen of boetseren.
Van de cliënt wordt een daadwerkelijke inzet gevraagd. Een schilderopdracht is nu eenmaal niet verbaal uit te voeren. Om vorm te geven aan een stuk klei moeten de handen letterlijk uit de mouwen gestoken worden. En dan blijkt al schilderend, boetserend of tekenend precies hetzelfde te gebeuren als in het dagelijks leven. Het kunstzinnig werken laat vaste patronen en belemmeringen zien en beleven en werkt tegelijkertijd met gerichte oefeningen aan verandering van die patronen.
Gericht gebruik van vorm, kleur en materiaal
Door middel van beeld of kleur kunnen mensen uiting geven aan wat er in ze leeft. Dat heet expressie. Wat beeldende (kunstzinnige) therapie bijzonder maakt, is dat het twee kanten op werkt. Iemand drukt zich niet alleen uit in het kunstzinnige proces en product, maar door de weloverwogen keuze van materiaal en werkwijze – dat is de expertise van de beeldend kunstzinnig therapeut – ontwikkelt deze persoon zich ook.
Eigen specifiek effect
Het uitgangspunt dat beeldende elementen – zoals materiaal, vorm, kleur, techniek en ritme – elk een eigen specifiek effect op mensen hebben, vormt de basis van de therapie. In de keuze van de oefeningen en het materiaal maakt de therapeut gebruik van de kwaliteiten van beeldende elementen. Het doel is steeds om het innerlijke evenwicht van de cliënt te herstellen.
Materiaalkeuze en werkwijze hebben hun betekenis voor de ontwikkeling die de cliënt doormaakt. Ook het werkstuk zelf vertelt een betekenisvol ‘verhaal’.